Zoekresultaat: 7 artikelen

x
Jaar 2012 x
Boekbespreking

Working their way into adulthood

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2012
Auteurs Dr. Leontien van der Knaap
Auteursinformatie

Dr. Leontien van der Knaap
Dr. L.M. van der Knaap is universitair hoofddocent bij het International Victimology Institute Tilburg (INTERVICT) van Tilburg University.
Artikel

Werk, werkkenmerken en delinquentie

Een longitudinaal onderzoek naar de invloed van het hebben van een baan op delinquent gedrag onder jongvolwassenen

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2012
Trefwoorden delinquency, work, emerging adulthood, work commitment, future possibilities
Auteurs MSc. Maaike Wensveen, Dr. Hanneke Palmen, Prof. dr. mr. Arjan Blokland e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    The link between being employed and delinquent behaviour is complex. This article examines to what extent having a job, the commitment to that job and the future prospects of that job are related to delinquency. We use data from the Utrecht Study of Adolescent Development (USAD), a six-year, three-wave longitudinal study, pertaining to a general population sample of 669 young adults between the ages of 18 and 28. Having a job is associated with an increase in delinquency for 18 and 19 year old males. The results for subsequent ages show a trend towards a delinquency decreasing effect at subsequent ages. The effect of work characteristics – commitment, future prospects – is less clear.


MSc. Maaike Wensveen
M. Wensveen, MSc. was ten tijde van het schrijven van dit artikel masterstudent bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Dr. Hanneke Palmen
Dr. H. Palmen is postdoc bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Prof. dr. mr. Arjan Blokland
Prof. dr. mr. A.A.J. Blokland is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en hoogleraar Criminology and Criminal Justice aan de Universiteit Leiden.

Prof. dr. Wim Meeus
Prof. dr. W.H.J. Meeus is hoogleraar Ontwikkeling in de Adolescentie, departement Pedagogische en Onderwijskundige Wetenschappen aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Jongvolwassen delinquenten en justitiële reacties

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2012
Trefwoorden crime, criminal law, adolescents, young adults
Auteurs Prof. dr. Peter van der Laan, Dr. André van der Laan, Dr. Machteld Hoeve e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Over the last 60 years, attention has been drawn periodically to offenders in different age categories, such as young children, adolescents and young adults, and tor services and programmes that should be available for these groups. In 2011, the State Secretary of Security and Justice proposed a penal law for adolescents and young adults aged 15 to 23. Such a proposal requires a (empirical) view of young adult offenders (aged 18 to 24) and the penal sanctions they receive in comparison with adolescent (aged 12 to 17) offenders and adults (aged 25 to 30). Crime statistics show that prevalence, type and seriousness of crime committed by young adults are different from that of adolescents and adults. Self-report studies show fewer and smaller differences, but this may be explained in part by the more serious nature of offences committed by young adults, which are usually not addressed in self-reports. Outcomes support the idea that a separate approach and specific interventions for young adults are needed. Similarities with adolescents with regard to neurobiological development justify a focus on a more pedagogical and behavioral approach, which is also a key feature of penal justice for juveniles.


Prof. dr. Peter van der Laan
Prof. dr. P.H. van der Laan is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en bijzonder hoogleraar reclassering aan de Vrije Universiteit.

Dr. André van der Laan
Dr. A.M. van der laan is senior onderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Dr. Machteld Hoeve
Dr. M. Hoeve is universitair docent bij de afdeling Forensische Orthopedagogiek van de Universiteit van Amsterdam.

Drs. Martine Blom
Drs. M. Blom is junior onderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

MSc Willemijn Lamet
W. Lamet, MSc, is promovenda bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).
Redactioneel

Redactioneel

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2012
Auteurs Joyce Kerstens, Leontien M. van der Knaap en Ralf Beerens
Auteursinformatie

Joyce Kerstens
Drs. J.W.M. (Joyce) Kerstens is Projectleider Jeugd & Cybersafety bij het Lectoraat Cybersafety van NHL Hogeschool en Politieacademie.E-mail: j.kerstens@nhl.nl

Leontien M. van der Knaap
Dr. L.M. (Leontien M.) van der Knaap is universitair hoofddocent aan het Instituut Bestuurskunde, Faculteit der Sociale Wetenschappen, Universiteit Leiden. E-mail: L.M.vdrKnaap@uvt.nl

Ralf Beerens
R. (Ralf) Beerens Ph.D is onderzoeker bij het Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid (NIFV) en promovendus aan de Universiteit van Lund, Zweden. E-mail: ralf.beerens@nifv.nl
Artikel

De preventieve inzet van het tijdelijk huisverbod bij dreigend huiselijk geweld

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1 2012
Trefwoorden domestic violence, temporary restraining order, domestic violence risk, prevention, assessment
Auteurs Leontien M. van der Knaap
SamenvattingAuteursinformatie

    On January 1, 2009 the Temporary Restraining Order Act entered into force allowing mayors to impose a ten-day restraining order on potential perpetrators of domestic violence. This restraining order, which may be extended to 28 days, prohibits the perpetrator from entering his or her house as well as from contacting the persons staying behind in the home (partner, children, or other members of the household). In order to impose a temporary restraining order, risk factors relating to the perpetrator, the incident, and the family have to be assessed using a domestic violence risk assessment tool (RiHG).The immediate cause to introduce the Act was to enable mayors to take action in situations that, before, would not have given police just cause to intervene because no offences had (yet) been committed. However, evaluations show that temporary restraining orders are mainly imposed in conjunction with criminal proceedings. Yet, researchers suggest that the temporary restraining order may be imposed as a truly preventive measure in a large amount of situations that until now have not been considered (for instance, situations that have not escalated into physical violence). This article examines whether such preventive restraining orders exist within a sample of imposed orders and if so, what characteristics they share.Results show that truly preventive restraining orders are extremely rare. Closer inspection of cases that according to the available risk assessment were not notably violent showed that most of these cases could not be regarded as cases of truly preventive restraining orders. The discussion of the article focuses on the implications of these results for the suggestion that a large number of situations could be suitable for imposing a preventive restraining order.


Leontien M. van der Knaap
Dr. L.M. (Leontien) M. van der Knaap is universitair hoofddocent bij het International Victimology Institute Tilburg (INTERVICT) van Tilburg University. E-mail: l.mvdrknaap@uvt.nl
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment drie verschillende filters: tijdschrift, rubriek en jaar.