Zoekresultaat: 24 artikelen

x
Essay

Slachtofferschap: planten en habitats

Waarom habitats en planten ondanks strikte regels toch niet voldoende worden beschermd

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Antropocene, habitat protection, plants, environmental problems, biodiversity
Auteurs Sander Kole
SamenvattingAuteursinformatie

    The current poor conservation status of Dutch nature is a result of human activities and is therefore characteristic of the era of the Anthropocene in which we now live. As a result of climate change, desiccation and a surplus of nitrogen and other environmental problems, the survival of many habitats and plants in the EU and in the Netherlands is at stake. Recent scientific research shows that many habitats and plants are in an unfavorable conservation status. Biodiversity is under great pressure. In almost all cases, the declining biodiversity can primarily be traced back to human activities and the consequences of these activities for nature. The EU Habitats Directive and the Dutch Nature Conservation Act provide a legal system that obliges the protection of all wild habitats and plants. Although the objective of both regulations suggests otherwise, the protection of nature in the application of provisions from the Dutch Nature Conservation Act is not an intrinsic objective. The extent to which habitats and plants are protected is linked to human – often economic – interests. It is this ambivalence in existing laws and regulations – the human perspective – that makes it possible to ‘disable’ rules that are precisely intended to preserve habitat types and plants relatively easily. As a result, environmental problems caused by humans are not or not completely resolved. Remarkably enough, the design and application of current national and international nature conservation law contributes to the undisturbed continuation of the Anthropocene era in which we live.


Sander Kole
Mr. dr. Sander Kole is universitair docent algemeen bestuursrecht en omgevingsrecht bij de Open Universiteit. Sander.Kole@ou.nl
Redactioneel

Access_open Hedendaagse jeugdcriminaliteit: nieuwe vragen en enkele antwoorden na een historische daling

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Auteurs Dr. André van der Laan, Prof. dr. Stefaan Pleysier en Prof. dr. Frank Weerman
Auteursinformatie

Dr. André van der Laan
Dr. A.M. van der Laan is senioronderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid in Den Haag.

Prof. dr. Stefaan Pleysier
Prof. dr. S. Pleysier is hoofddocent aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven en coördinator van de Onderzoekslijn Jeugdcriminologie en Jeugdrecht aan het Leuvens Instituut voor Criminologie (LINC).

Prof. dr. Frank Weerman
Prof. dr. F.M. Weerman is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam en bijzonder hoogleraar Jeugdcriminologie bij de sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Online jeugdcriminaliteit en ‘verkeerde vrienden’: wanneer is de samenhang het sterkst?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden cyber delinquency, cyber offenders, peer deviance, social network
Auteurs Yaloe van der Toolen MSc, Dr. Marleen Weulen Kranenbarg en Prof. dr. Frank Weerman
SamenvattingAuteursinformatie

    This article investigates whether cyber delinquent behaviour of school friends, other offline friends and online contacts is related to cyber delinquent behaviour of individuals, and whether this relation differs for cyber dependent, cyber enabled and traditional crime. We used both direct and indirect measures of cyber delinquency of friends. We employed data from the first wave of a large-scale study on the causes of online delinquency among Dutch juveniles (n=889; mean age=16.8 years). The results suggest that both direct and indirect measures of levels of friend delinquency were related to levels of individual cyber offending. However, indirect measures had a stronger association with individual online delinquency than direct measures. This suggests that respondents make incorrect estimates of their friends’ levels of online delinquency. Moreover, no differences were found in the strength of the relation between individual online offending and indirect measures of online offending of school friends, offline friends and online friends. This suggests that friends of different types all play an important role in individual online offending.


Yaloe van der Toolen MSc
Y. van der Toolen MSc is junior onderzoeker bij de sectie Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam en junior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam.

Dr. Marleen Weulen Kranenbarg
Dr. M. Weulen Kranenbarg is universitair docent Criminologie bij de sectie Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. dr. Frank Weerman
Prof. dr. F.M. Weerman is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam en bijzonder hoogleraar Jeugdcriminologie bij de sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Onderzoeksnotities

Prevalentie van slachtofferschap van seksueel grensoverschrijdend gedrag onder universiteitsstudenten

Eerste resultaten van een Belgisch cohorteonderzoek

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden longitudinal design, sexual aggression, victimization, male victims, reporting
Auteurs Aude Fieuw BSc, Joke Depraetere MSc, Prof. dr. Lieven Pauwels e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In this paper we describe the first results of a recent cohort study conducted at Ghent University and focus on the applied study design. Existing cross-sectional studies regarding sexual victimization are not able to make causal statements about its risk and outcome factors. This cohort study aims to answer these questions. Results of this study confirmed that students are often confronted with sexual assault and seldom consult existing support services. This paper emphasizes the advantages of a longitudinal design within victimological research including the possibilities and difficulties that accompany it.


Aude Fieuw BSc
A. Fieuw BSc is masterstudent Criminologische Wetenschappen aan de Universiteit Gent.

Joke Depraetere MSc
J. Depraetere MSc is Aspirant Fundamenteel Onderzoek van het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek Vlaanderen (FWO).

Prof. dr. Lieven Pauwels
Prof. dr. L. Pauwels is directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) en als hoogleraar verbonden aan de Universiteit van Gent.

Tom Vander Beken PhD
T. Vander Beken PhD is professor Criminologie en Strafrecht aan de Universiteit Gent.

Christophe Vandeviver PhD
C. Vandeviver PhD is onderzoeksprofessor Criminologie en Senior Postdoctoraal Onderzoeker van het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek Vlaanderen (FWO).
Onderzoeksnotities

25 jaar moord in Nederland

Een trendanalyse van geslacht en leeftijd van slachtoffers van moord

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2019
Trefwoorden homicide, victimization rates;, the Netherlands;, Dutch Homicide Monitor;, demographics
Auteurs Dr. Pauline Aarten, Hanneke Schönberger MSc en Dr. Marieke Liem
SamenvattingAuteursinformatie

    This study describes the trend in victimization of homicide in the Netherlands in the period 1992-2016. Using data from the Dutch Homicide Monitor, the findings show that the homicide rate has been falling since the 1990s. This decrease is the greatest among male and female victims between the ages 20 and 39. This findings emphasize the importance of shifting the discussion about the general homicide drop to an in-depth analysis of gender and age of victims of homicide.


Dr. Pauline Aarten
Dr. P.G.M. Aarten is universitair docent bij het Institute of Security and Global Affairs aan de Universiteit Leiden.

Hanneke Schönberger MSc
H.J.M. Schönberger MSc was onderwijs-/onderzoeksmedewerker bij het Institute of Security and Global Affairs aan de Universiteit Leiden.

Dr. Marieke Liem
Dr. M.C.A. Liem is universitair hoofddocent bij het Institute of Security and Global Affairs aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Partnerdoding in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Partnerdoding, Epidemiologie, Moord, Nederland
Auteurs Marieke Liem, Inge de Jong en Jade van Maanen
SamenvattingAuteursinformatie

    Intimate partner homicide (IPH) constitutes one of the most prevalent types of homicide. This study aims to assess the nature and prevalence of intimate partner homicide in the Netherlands in the period 2009-2014. In doing so, we make use of police data, court data, and media articles. Findings show that IPH occurs 29 times per year, resulting in a victimization rate of 0.20 per 100,000, similar to other Western-European countries. Our results further show a decline in IPH in the last years. IPH in the Netherlands mostly occurs in heterosexual relationships, and involves male perpetrators and female victims. Finally, we reflect on possible causes for the decline of this type of homicide.


Marieke Liem
Marieke Liem is Universitair Hoofddocent, verbonden aan het Institute of Security and Global Affairs, Faculteit Governance & Global Affairs van de Universiteit Leiden.

Inge de Jong
Inge de Jong is thans werkzaam bij de Nationale Politie als adviseur bij de dienst Informatie Management en tijdens het uitvoeren van deze studie student Crisis & Security Management aan de Universiteit Leiden.

Jade van Maanen
Jade van Maanen isthans werkzaam bij Rijkswaterstaat als technisch projectleider bij de dienst Centrale Informatievoorziening en tijdens het uitvoeren van deze studie student Crisis & Security Management aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Het ‘cyborg crime’-perspectief

Theoretische vernieuwing in het digitale tijdperk

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2018
Trefwoorden cybercrime, cyborg, cyborg crime, Actor-Netwerk theory, Latour
Auteurs Wytske van der Wagen MsC
SamenvattingAuteursinformatie

    This study departs from the notion that current high-tech crime developments bring various new challenges for the rather anthropocentric, instrumental and dualistic theoretical repertoire of criminology. The article reflects on these challenges and proposes the alternative ‘cyborg crime’ perspective. This concept is the result of an explorative research on the theoretical potential of the actor-network theory (ANT) for cybercrime. The study concludes that ANT and the ensuing cyborg crime perspective enables to grasp certain dimensions of cybercrime more profoundly. ANT can move us (criminologists) beyond the classical novelty debate surrounding cybercrime and stimulate theoretical innovation.


Wytske van der Wagen MsC
Wytske van der Wagen, MSc, is als universitair docent verbonden aan de sectie criminologie van de Erasmus Law School. E-mail: vanderwagen@law.eur.nl.
Artikel

De impact van criminaliteit op de lokale belastingontvangsten

Toepassing van de Tiebout-hypothese in Vlaamse gemeenten

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2018
Trefwoorden crime, local taxes, migration, Tiebout mobility
Auteurs Drs. Nik Smits en Prof. dr. Stijn Goeminne
SamenvattingAuteursinformatie

    This paper empirically investigates whether the Flemish local income tax base yield in 306 Flemish municipalities is sensitive to changes in the local crime level between 2000 and 2014. There are two underlying assumptions. First, in a Tiebout world, rational voters holding the local government accountable for the safety of its citizens move when the local level of security becomes too greatly alienated from what they want it to be (first assumption). If migration is due to crime, the wealthier citizens are expected to move first. Consequently, the average income per capita and thus the income distribution will be affected, which in turn will influence the local income tax base yield (second assumption). By confirming both assumptions, evidence is presented for a relation between changes in local crime rates and the income tax base yield of Flemish municipalities, occurring through household mobility.


Drs. Nik Smits
N. Smits is doctoraatsstudent aan de Universiteit Gent, vakgroep Algemene Economie.

Prof. dr. Stijn Goeminne
Prof. dr. S. Goeminne is hoofddocent aan de Universiteit Gent, vakgroep Algemene Economie.
Diversen

(Super)diversiteit en onveiligheidsgevoelens

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2017
Trefwoorden ethnic diversity, super diversity, fear of crime
Auteurs dr. Erik Snel en Iris Glas
SamenvattingAuteursinformatie

    Contemporary cities are increasingly characterised by ‘super diversity’. As Putnam’s thesis about the negative social consequences of ethnic diversity is correct, we may assume that growing diversity also negatively affects crime and fear of crime in cities. After all: the more diversity, the less social cohesion and the less collective efficacy, ultimately resulting in higher crime rates. More diversity also implies less (public) familiarity in neighbourhoods and more fear of crime. On the other hand, some qualitative studies show that particularly residents of relatively homogeneous districts perceive migrants as threatening. Migrants are seen as less threatening when neighbourhood residents are familiarized with ‘the other’ and when there are more interethnic contacts. Various foreign and Dutch studies show an independent effect of ethnic diversity in the neighbourhood on fear of crime. However, this effect disappears when other resident characteristics are included into the analysis. Residents of ethnically diverse and deprived districts are generally less satisfied with their neighbourhood, have less trust in the government and are more often victimized. Precisely these perceptions and experiences explain why they more often feel unsafe in their own neighbourhood.


dr. Erik Snel
Dr. Erik Snel is als universitair docent en onderzoeker verbonden aan het Department of Public Administration and Sociology (DPAS) van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Iris Glas
Iris Glas promoveert in de sociologie en is verbonden aan het Department of Public Administration and Sociology (DPAS) van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Criminaliteit relateren aan verblijfspopulaties

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2016
Trefwoorden crime rate, ambient population, residential population, commuters, tourists
Auteurs Prof. dr. Wim Bernasco en Dr. Chantal van den Berg
SamenvattingAuteursinformatie

    Crime victimization risk is usually calculated by dividing the number of crimes by the size of the local population. This procedure does not account for the mobility of the residents. We develop and apply an alternative procedure that divides the number of crimes by the number of people actually present: the ambient population. The ambient population includes commuters, tourists and other visitors. The regular and the alternative crime rate measures of the four largest cities in the Netherlands are compared using data of the ‘AD Misdaadmeter’. We find that ambient populations are larger than residential populations, in particular in Amsterdam. The differences are small however, and the increased effort of calculating ambient populations does not compensate the increased precision in crime measures. For comparisons between annual crimes rates of cities or municipalities, it is sufficient to divide numbers of crimes by populations.


Prof. dr. Wim Bernasco
Prof. dr. W. Bernasco is bijzonder hoogleraar ‘Ruimtelijke analyse van criminaliteit’ bij de afdeling Ruimtelijke Economie van de Vrije Universiteit Amsterdam en senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Dr. Chantal van den Berg
Dr. C.J.W. van den Berg is onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).
Artikel

Een eenvoudige diefstal of toch een mishandeling?

Verschillen in type delict tussen zelfrapportage door slachtoffers en registratiesystemen bij instanties

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1 2016
Trefwoorden Slachtoffers, Registratie misdrijf, slachtofferrapportage, Delictcategorie
Auteurs Maartje Timmermans, Joost van den Tillaart en Annemarie ten Boom
SamenvattingAuteursinformatie

    From a secondary analysis of data from a survey of victims of crime, commissioned by the WODC, it appears that more than occasionally the registration of the type of offence by the police, the Public Prosecution Service and Victim Support Netherlands does not match the victim’s own reporting of the offence. In this article, the differences between victims’ reports and registrations regarding the nature of the victimization are exposed and the background of the differences is explored. Some offences seem to have an increased chance of being classed by victims in offence categories which differ from those of the registrations.
    Based on the secondary analysis, the authors conclude that it is important for the interpretation of future research among victims to identify the registered offence and explicitly verify this with the respondent. It is also good to consider what registration data is useful in samples to be able to identify differences between the registrations and the victims’ reports later. A practical implication of the discrepancy in the nature of victimization is that bottlenecks may occur in the connection between the support needs of victims and the supply.


Maartje Timmermans
Maartje Timmermans is senior onderzoeker bij Regioplan.

Joost van den Tillaart
Joost van den Tillaart is senior onderzoeker bij Regioplan.

Annemarie ten Boom
Annemarie ten Boom is projectbegeleider bij het WODC, het onderzoekscentrum van het Ministerie van Veiligheid en Justitie. Zij werkt aan een proefschrift over het verband tussen de slachtoffer-daderrelatie en de behoeften van slachtoffers met betrekking tot justitie. Zij is als buitenpromovendus aan INTERVICT verbonden.
Redactioneel

De bestudering van criminaliteit op macroniveau: een inleiding

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2015
Trefwoorden macro criminology, theory, crime drop, punitive turn, micro-macro problem
Auteurs Dr. Frank Weerman, Dr. André van der Laan, Prof. Ineke Haen Marshall e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In this introductory article we introduce the subject of our thematic issue on ‘macro criminology’, and illustrate it with a short historical overview and examples of ‘typical macro criminological’ research. Successively we address the recent decrease in crime in many Western countries (the ‘crime drop’), the increased tendency to punish more severely in the last decennia (the ‘punitive turn’), and historical developments in homicide (‘history of violence’). After that we address an important theoretical and philosophical problem with regard to macro criminology: the balance between micro and macro factors in explaining macro phenomena. Finally, the contributions of this thematic issue are introduced.


Dr. Frank Weerman
Dr. F.M. Weerman is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Dr. André van der Laan
Dr. A.M. van der Laan is senior onderzoeker bij de afdeling Criminaliteit Rechtshandhaving en Sancties (CRS) van het WODC.

Prof. Ineke Haen Marshall
Prof. I.H. Marshall is Professor bij de School of Criminology and Criminal Justice en de Department of Sociology & Anthropology van de Northeastern University in Boston (VS).

Prof. dr. Lieven Pauwels
Prof. dr. L.J.R. Pauwels is directeur van de Onderzoeksgroep Sociale Veiligheidsanalyse binnen de vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Gent.
Artikel

Daling in geregistreerde jeugdcriminaliteit

Enkele mogelijke verklaringen

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2015
Trefwoorden crime drop, juvenile suspects, trends, macro explanations, time series analysis
Auteurs Dr. André van der Laan en Dr. Gijs Weijters
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands, from 2007 police census data show a sharp decrease in the number of suspects of crime among juveniles aged 12 to 25 years old. How to explain this decrease remains unclear. Constructionist theories suggest that changes in police census data are fully explained by changes in the law enforcement system. Normative theories argue that changes in police data can be explained by demographic, social or economic trends. In this paper, we systematically explored the (inter)national literature for macro factors that could explain changes in juvenile crime. Next, in an empirical case study of the city of Amsterdam, we explored which of these macro factors relate to changes over time in the number of juvenile suspects of crime and the types of crime they were suspected of. Due to multicollinearity of the macro factors multivariate analyses were not possible. Our results indicate that the decrease in police registered juvenile crime in Amsterdam should be explained by multiple factors. Some of these factors concern policy investments (such as focus on school drop-out and targeted law enforcement), other factors relate to socialdemographic developments which appeared coincidentally.


Dr. André van der Laan
Dr. A.M. van der Laan is senioronderzoeker bij de afdeling Criminaliteit Rechtshandhaving en Sancties (CRS) van het WODC. Zijn onderzoeksinteresse betreft ontwikkelingen in en achtergronden van jeugdcriminaliteit en veelplegers en effecten van justitiële sancties.

Dr. Gijs Weijters
Dr. G.M. Weijters is onderzoeker bij de afdeling Criminaliteit Rechtshandhaving en Sancties (CRS) van het WODC.
Artikel

Trends in perceptie van criminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2015
Trefwoorden fear of crime, risk perception
Auteurs Marnix Eysink Smeets en Dr. Ben Vollaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Some overestimation of crime risk is likely, but that does not mean that risk perceptions are not adjusted in line with changes in actual crime risk. Based on time series data, we show that crime risk perceptions are strongly related to rates of victimization. The conventional wisdom that the drop in crime since the 1990s did not result in an adjustment in risk perceptions can be easily refuted. The much discussed crime drop goes together with a much less discussed fear drop.


Marnix Eysink Smeets
M. Eysink Smeets is Lector Public Reassurance aan de Hogeschool Inholland.

Dr. Ben Vollaard
Dr. B.A. Vollaard is universitair docent economie aan de Universiteit Tilburg.
Artikel

Jeugddelinquentie in vergelijkend perspectief

Vertellen micro- en macroanalyses hetzelfde verhaal?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2015
Trefwoorden cross-national criminology, juvenile delinquency, theoretical integration, self-report survey, theory-testing
Auteurs Chris Marshall PhD en Prof. Ineke Haen Marshall
SamenvattingAuteursinformatie

    This article presents a micro- and a macro-level analysis of predictors of delinquency in order to contribute to the discussion about the micro-macro problem in criminology. We use Coleman’s boat (1990) to situate our research question. Individual theories dominate the field of delinquency, there are few theories at macro level. Cross-level theoretical integration primarily takes place between individual (micro) and community (meso) levels, and hardly ever on (national) macro level. Our question is to which extent macro-level theory fruitfully may use concepts drawn from micro-level theory. We test a micro and a macro model using indicators from the domains of family, school, friends/peers and economy, using data collected by the Second International Self-Report Study of Delinquency (ISRD2), a cross-national self-report survey of delinquency and victimization among students between 12 and 16 years in 30 countries (n=71.436). Dependent variable at micro level is versatility (last year), at the macro level (national) we use contacts with the police for youths under 18. Results confirm the importance of including macro context (country clusters) in the analysis of individual delinquency. We further conclude that factors related to family and friends correlate at both micro and macro level with measures of delinquency; the role of school and economic factors is less clear-cut. The article concludes with the recommendation to give the micro-macro problem in delinquency theory a more central and explicit position in research programs.


Chris Marshall PhD
C.E. Marshall, PhD is Associate Professor bij de School of Criminology and Criminal Justice van de University of Nebraska-Omaha (VS).

Prof. Ineke Haen Marshall
Prof. I. Haen Marshall is Professor bij de School of Criminology and Criminal Justice en de Department of Sociology & Anthropology van de Northeastern University in Boston (VS).

Dr. Johan van Wilsem
Dr. J.A. van Wilsem is universitair hoofddocent criminologie aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Artikel

Werk(kenmerken) en recidiverisico's na detentie in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2014
Trefwoorden reintegration, imprisonment, employment, recidivism, longitudinal research
Auteurs Dr. Anke Ramakers, Prof. dr. Paul Nieuwbeerta, Dr. Johan van Wilsem e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Employment is believed to function as a ‘turning point’ for released offenders. Several theories state that employment can diminish recidivism, and offer different mechanisms to connect employment and crime, such as job stability and job quality. This study examines the effect of employment and employment characteristics on recidivism among Dutch ex-prisoners. Although recidivism risks are high among this group, longitudinal research on the effect of employment on recidivism risks is scarce. We based our analyses on longitudinal data of the Prison Project (n=842) and found that job stability reduces the risk of recidivism. The results indicate that not the guidance to a job, or a high-quality job, but the guidance to stable employment could help to reduce crime rates among this high-risk offender group.


Dr. Anke Ramakers
Dr. A. Ramakers is universitair docent bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Prof. dr. Paul Nieuwbeerta
Prof. dr. P. Nieuwbeerta is hoogleraar bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Dr. Johan van Wilsem
Dr. J. van Wilsem is universitair hoofddocent bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Dr. Anja Dirkzwager
Dr. A.J.E. Dirkzwager is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Dr. Joni Reef
Dr. J. Reef is universitair docent bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.
Redactioneel

Criminaliteit en criminologie in een gedigitaliseerde wereld

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2013
Trefwoorden cybercrime, cyberspace, criminology
Auteurs Dr. Judith van Erp, Prof. dr. Wouter Stol en Dr. Johan van Wilsem
SamenvattingAuteursinformatie

    This special issue introduces the topic of cybercrime to Dutch criminology. First, it raises the major substantive issues that computer technology involves for criminology, in terms of crime volume, people involved in crime, and the ways that crimes are committed. Also, it deals with research literature on cybercrime on various topics, such as survey methodology, crime prevention and Internet applications open to justice professionals in the fight against crime. Overall, the article concludes that much research remains to be done in this relatively new field.


Dr. Judith van Erp
Dr. J.G. van Erp is universitair hoofddocent Criminologie aan de Erasmus School of Law.

Prof. dr. Wouter Stol
Prof. dr. W.Ph. Stol is lector Cybersafety aan de NHL Hogeschool en Politieacademie en bijzonder hoogleraar Politiestudies aan de Open Universiteit.

Dr. Johan van Wilsem
Dr. J. van Wilsem is universitair hoofddocent Criminologie aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.

Dr. Ben Vollaard
Dr. B.A. Vollaard is als universitair docent verbonden aan onderzoeksinstituut TILEC van de Universiteit van Tilburg.
Artikel

Het effect van intensief surveilleren vlak bij en vlak na een eerdere inbraak

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2012
Trefwoorden burglary, experiment, police surveillance, near-repeat, contagiousness
Auteurs Marlijn Peeters MSc, Jasper van der Kemp MSc, Guillaume Beijers MSc e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Can a fruitful police surveillance scheme be based on supposedly increased risk immediately after and around a previous burglary (‘near repeat phenomenon’)? An experiment in Amstelveen has been set up and analysed for this purpose. Some neighbourhoods got a ‘near repeat surveillance’ scheme, and the occurrence of burglary in those areas has been compared with control neighbourhoods elsewhere in town. We observed a change in the near repeat pattern in the experimental area, but no net effect on burglary rates, presumably because of large between-neighbourhood variance in incidence.


Marlijn Peeters MSc
M.P. Peeters, MSc. is doctoraatsbursaal bij het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP), Universiteit Gent.

Jasper van der Kemp MSc
J.J. van der Kemp, MSc. is docent bij de afdeling Strafrecht en Criminologie, Vrije Universiteit Amsterdam.

Guillaume Beijers MSc
G.W. Beijers, MSc. is docent bij de afdeling Strafrecht en Criminologie, Vrije Universiteit Amsterdam

Henk Elffers PhD
H. Elffers, Ph.D. is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving NSCR, Amsterdam, en hoogleraar empirische bestudering van de strafrechtpleging bij de afdeling Strafrecht en Criminologie, Vrije Universiteit Amsterdam en het Phoolan Devi Instituut van deze universiteit.
Toont 1 - 20 van 24 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment drie verschillende filters: tijdschrift, rubriek en jaar.